Circulaire economie: overheid graag wat meer ambitie

De week van de circulaire economie is in volle gang. Tal van evenementen vinden deze week plaats om de circulaire economie te stimuleren. Toch zou de overheid meer moeten doen om de circulaire economie echt aan te jagen.

Circulaire economie in beeld

In een recente publicatie van het Planbureau voor de Leefomgeving (Circulaire economie in kaart) komt dit beeld ook naar voren. Het blijkt dat er veel bedrijven en organisaties zijn die bewust of onbewust bijdragen aan de circulaire economie of kringloopeconomie waarin het efficiënter gebruiken van grondstoffen centraal staat. Het kabinet laat echter onvoldoende daadkracht zien om versneld over te gaan naar een circulaire economie. En dan te bedenken dat de doelstellingen toch echt ambitieus zijn. 50% minder verbruik van primaire grondstoffen (mineraal, fossiel en metalen) in 2030 en een duurzaam gedreven, volledig circulaire economie in 2050.

Wat moet de overheid doen?

Om haar doel ‘Nederland circulair in 2050’ te halen, zijn er verschillende activiteiten die de overheid kan ondernemen zoals:

Aandacht geven aan alle mogelijkheden voor een circulaire economie
Als de overheid de overgang naar een circulaire economie wil versnellen, is het raadzaam meer in te zetten op alle vormen van circulariteit, de zogenoemde R-strategieën. Deze R-strategieën zijn uitgewerkt in een R-ladder, waarin ze zijn gerangschikt van meeste naar minste grondstoffenbesparing. De R-ladder geeft systematisch zicht op andere circulaire strategieën dan alleen recycling (zoals hergebruik, reparatie en leasen of delen). Deze kan worden gebruikt in het opzetten en vormgeven van concrete initiatieven en beleidsacties:

  • Refuse and rethink (R1): afzien van producten of producten intensiever gebruiken
  • Reduce (R2): producten efficiënter fabriceren of efficiënter maken in het gebruik
  • Reuse (R3): hergebruik van een product
  • Repair (R4): reparatie en hergebruik van productonderdelen
  • Recycle (R5): verwerken en hergebruiken van materialen
  • Recover (R6): energie terugwinnen uit materialen

Vergroten van draagvlak en betrokkenheid
Het kabinet en andere overheidsorganisaties (zoals gemeenten, Rijkswaterstaat en omgevingsdiensten) kunnen voor de circulaire economie een stimulerende rol vervullen. Zij kunnen met andere koplopers onder bedrijven (en burgers) laten zien wat mogelijk is. Circulaire economie brengt verschillende partijen bij elkaar.

Hoe dragen subsidies bij aan een circulaire economie?

Subsidies zijn een aanjager van beleidsdoelen die de overheid nastreeft. Zo ook wat betreft de circulaire economie. Nationale subsidies die zich specifiek richten op de circulaire economie zijn echter dun gezaaid. Overdreven gezegd is er zelfs sprake van ‘subsidie-armoede’. De enige generieke overheidssubsidie die zich onder andere richt op de circulaire economie is de Milieu-investeringsaftrek (MIA). Nieuw op de Milieulijst 2019 is bijvoorbeeld apparatuur voor duurzamere verpakkingen (aanpassen van bestaande situatie). De aan te schaffen apparatuur moet bestemd zijn voor het produceren van kunststof verpakkingen die duurzamer of tijdens de afvalfase gemakkelijker te scheiden en recyclen zijn. De apparatuur moet technisch noodzakelijk zijn om verpakkingen duurzamer te maken.

Europa biedt meer mogelijkheden

Op Europees vlak zijn er wel meerdere subsidieprogramma’s die zich in meer of mindere mate richten op de circulaire economie:

Subsidie aanvragen?

Wilt u meer weten of wilt u subsidie aanvragen? En heeft u daarbij behoefte aan deskundige ondersteuning? Neem dan gerust contact op met een van onze experts. Bel ons op 088-838 13 81 of stuur ons een berichtje. 






* = verplicht veld | Het PNO Privacy Statement is van toepassing